Pesten

Pesten of gepest worden

Elk kind krijgt vroeg of laat met pesten te maken in het leven. Dit kan zijn als slachtoffer, als dader, als toeschouwer/getuige maar ook als meeloper.   Het is belangrijk om kinderen sterker te maken. Wanneer ze meer zelfvertrouwen en eigenwaarde ontwikkelen dan is de kans groter dat het pesten stopt. Als ouder kun je dit beïnvloeden door genoeg waardering, complimenten en liefde te geven. Maar soms is dit niet voldoende. Kindertherapie kan op zo’n moment worden ingezet. In de praktijk bied ik een veilige plek waar het kind mag zijn wie het is. En waar het mag ervaren dat hij of zij de moeite waard is. Als kindertherapeut ben ik een neutraal persoon voor het kind. Zonder te oordelen, empathisch en beschikbaar. Samen kijken we ook naar de diepere laag (binnenwereld), waardoor gevoelens en gedachten naar boven komen die vervolgens verwerkt kunnen worden, zodat er ruimte is voor groei. Soms is het gemakkelijker om te spelen (rollenspel) of creatieve werkvormen in te zetten in plaats van alleen maar praten. Ook kijken we samen hoe we het kind weerbaarder kunnen maken door bijvoorbeeld te leren hoe je voor jezelf op kunt komen en je grens aan kan geven. Het is belangrijk om niet alleen aandacht te besteden aan het aanleren van sociale vaardigheden maar juist ook aandacht te hebben voor de gevoelens en gedachten die er zijn. Anders missen we de kern van het probleem.

Mogelijk is jouw kind slachtoffer van pestgedrag, maar het kan ook zijn dat je kind zelf de pester is.

Wanneer kinderen slachtoffer zijn van pesten, dan hebben ze vaak negatieve en kwetsende ervaringen opgedaan (denk aan gepest worden, negeren, buiten sluiten, fysiek of psychisch pijn doen, uitlachen). Als therapeut geef ik erkenning aan het kind, zodat het zich gehoord en gesteund voelt. Dit kan al een helende werking hebben voor het kind.

Kinderen die zelf pesten voelen zich vaak onzeker. Ze proberen sterk en stoer over te komen om te voorkomen dat ze er alleen voor komen te staan. Ook deze kinderen hebben hulp nodig, als therapeut geef ik ruimte en erkenning voor de gevoelens die eronder liggen (angst, verdriet, boosheid). Dit zal uiteindelijk zorgen voor een positief effect op het gedrag.

Ook ouders worden meegenomen tijdens het traject. Ik probeer ouders meer inzicht te geven in de gevoelens en gedachten van het kind. Het is belangrijk dat kinderen zich ook gehoord en gezien voelen door ouders.

 

 

 

 

Tips bij pesten

Je kind is slachtoffer en wordt gepest:

Steun je kind en luister naar het verhaal, leg de schuld niet bij je kind.
Bespreek samen met je kind welke stappen je wil ondernemen. Bijvoorbeeld samen naar de leerkracht. Doe niet waar je kind absoluut op tegen is, maar probeer het wel te overtuigen.
Zoek samen met je kind naar manieren hoe je op het pesten kan reageren.
Schrijf op wanneer je kind wordt gepest, door wie en wanneer zodat je een duidelijk beeld krijgt van de situatie
Zoek naar vrienden, hobby’s waar je kind zich wel goed voelt, zodat hij zelfvertrouwen krijgt.

Dit is wat kinderen zeggen wat ouders beter niet kunnen doen:

Praten met de leraar, zonder toestemming van het kind. Door veel met het kind te praten kun je het kind overtuigen om zelf naar de leraar te gaan.
Het vertrouwen schaden, bespreek met je kind welke stappen je wilt ondernemen en zet geen stappen waar je kind niet mee akkoord gaat.
Boos worden. Vertel in plaats daarvan dat je het knap vindt dat je kind naar je is toegekomen.
Je kind de schuld geven. Stel in plaats daarvan open vragen. Wat is er precies gebeurd, hoe is dat gekomen?
De pester zelf confronteren of op de ouders afstappen, kinderen geven aan dat het pesten dan vaak alleen maar erger wordt.
Negeren. Wees alert op signalen als slecht eten, slecht slapen, buikpijn bij het naar school gaan
Minimaliseren, zeg niet dat het allemaal wel mee valt. De kans is groot dat je kind je niet meer in vertrouwen durft te nemen
Je kind afschermen door het bijvoorbeeld niet meer naar school te laten gaan. Werk in plaats daarvan samen met school aan een oplossing.

Je kind is de pester en pest anderen:

Ga na wat er precies gebeurt. Praat met je kind, zijn leraar, vrienden etc.
Leg het verschil uit tussen plagen (onschuldig en kort) en pesten (hard en om te kwetsen). Zeg duidelijk dat pesten niet kan. Nooit. Op geen enkele manier en vraag je kind om onmiddellijk te stoppen
Wijs op het verdriet dat pesten veroorzaakt. Probeer de gevoelens van het slachtoffer te verwoorden.
Geef hem de kans om het goed te maken